Topsport op 20 centimeter
Uncategorized
Daar lig je dan: je hoofd 20 centimeter van de penaltystip met daarop de nieuwste supersonische wk-bal van dit moment. Het gras kietelt je neusharen, je oren zijn verdoofd door het immense getoeter van de Vuvuzela en vanaf een afstandje zie je Robben een aanloop nemen en je hoopt maar dat hij inderdaad de bal gaat raken en niet dat wat er naast ligt. Met een flauw tikje met je hand kan je er voor zorgen dat Arjan een gigantische mispeer maakt en Nederland zijn wk-finale misloopt. Topsport op 20 centimeter, dat kan niet.
Daar zit je dan, nog geen 20 centimeter van het zwart-wit geblokte schaakbord. Voor je twee grootmeesters, peinzend over alle slagen die nog komen gaan, die ene zet die hem de winnende maakt. De koning staart je zwijgend aan, alsof hij het ook niet meer weet. Peinzend kijk je de grootmeester aan, alsof het een wedstrijdje wie-het-laatst-lacht-lacht-het-best betreft. Weg concentratie bij de grote meester, weg briljant uitgedacht meesterlijk plan, weg overwinning. Topsport op 20 centimeter, dat kan niet.
Daar zwem je dan, voorzien van duikbril, gasfles en gigantische elektrische-reuzeflippers, om gelijke tred te houden met Pieter van den Hoogenband. Je zwemt onder water, op de kop, om Pieter boven je Olympisch kampioen te zien worden. Want zeg nu zelf, van dicht bij, maak je zo’n kampioenschap het mooiste mee. Jij zwemt onder, Pieter zwemt boven. Je ziet hem lijden, zweten, vechten voor die titel. Zijn mimiek op zijn gezicht lijkt op die van een sporter die afziet. De overwinning komt uit het puntje van zijn kleine teen, maar je ziet hem wel, van heel dicht bij, als eerste aantikken. Alleen nu mag je wel, samen met Pieter, bij de Jury gaan uitleggen dat het feit dat jij daar met je elektrische reuzeflippers onder zwom, echt heus geen invloed heeft gehad op de uitslag. Topsport op 20 centimeter, dat kan niet.
Afgelopen zaterdag, De proloog van de ronde van Italië (Giro D’Italia) gaat van start in Amsterdam. Amsterdam?? Sinds wanneer ligt dat in Italië? Nou ja, om eerlijk te zijn het ligt net zo dicht bij Italië als Assen bij Spanje en Rotterdam bij Frankrijk ligt. Af en toe vinden die Italianen het leuk, vooral commercieel, om eens ergens anders te starten dan in een klein Italiaans maffiadorp, net als de ronde van Spanje (Assen) en de Tour de France (Rotterdam). En dit keer heeft Amsterdam het diepst in onze belastingbuidel getast om dit roze feestje mogelijk te maken. Een goede reden dus om dit eens van dichtbij te gaan bekijken, heel dichtbij.
Want in tegenstelling tot andere sporten kan je het wielrennen wèl van heel dicht bij volgen. Het recept voor topsport op een teenlengte afstand: men neme een wielerwedstrijd, men analyseren het parcours en zoeken een stukje parcours waar de ideale lijn dicht, heel dicht, op 20 centimeter afstand, van de geplaatste hekwerken ligt (of hebben gewoon pure mazzel dat je toevallig langs een leuk stukje route gaan staan). Vervolgens ga je zo dicht mogelijk tegen het hek staan en leun je zo ver als je kan over het hek en het liefst nog ietsje verder. Nu wacht je tot er een wielrenner aankomt en de kunst is nu om zo lang mogelijk over het hekje te durven leunen. Nee, niet snel je hoofd terugtrekken omdat hij wel erg dichtbij komt, gewoon blijven staan en wachten tot hij langs zoeft. Topsport op 20 centimeter, het kan!
Wat is dat gaaf zeg! De ene na de andere renner zoeft om de minuut voorbij. De ene kijkt alsof hij een gezellig rondje door Amsterdam aan het fietsen is, de ander vertoont een grimas waar een met adrenaline gevulde tijger nog bang voor zou zijn. Remmen is voor mietjes, dus schieten ze met 50km per uur voorbij. Je hoofd terugtrekken is ook voor mietjes, dus schieten ze op 20 centimeter voorbij.
Op 20 centimeter heb je totaal geen overzicht van de gehele situatie, geen idee wie er goed rijdt, geen idee wie er wint. Daarvoor kan je beter achter de tv gaan zitten, daar waar de wind niet zoeft, waar het zweet niet parelt en de grimas mij niets zegt. Want echte topsport beleef je van dichtbij.
(Gelukkig hebben we de foto’s nog)
Moraal van het verhaal:
Daar waar de wind zoeft, het zweet parelt en de grimas zijn pijn laat blijken is waar het gebeurt!